De impact van het Motoroog op de servicepass opstelling

De voorkeur voor een Linker Motoroog (LMO) of Rechter Motoroog (RMO) heeft impact op de servicepass opstelling. Een LMO passer wil het liefst de service aan de linkerkant van zijn lichaam passen, voor de RMO passer geldt het omgekeerde. In deze blog wordt uitgelegd welke consequenties deze individuele visuele voorkeuren hebben voor de onderlinge samenwerking.

Bij de beschrijving ga ik uit van de volgende punten:

  1. De service vindt plaats in de zone 1 – 6.
  2. De passlijn bestaat uit 3 spelers.
  3. De gepresenteerde opstellingen vormen een uitgangsbasis. Individuele kwaliteiten (libero) en vervolgacties kunnen voor andere afspraken zorgen.

 

Uitgaande van de passvoorkeur links of rechts zijn er in de 3 passers opstelling 8 verschillende mogelijkheden.

Positie 5 Positie 6 Positie 1
1.

LMO

LMO

LMO

2.

RMO

LMO

LMO

3.

RMO

RMO

LMO

4.

RMO

RMO

RMO

5.

LMO

RMO

RMO

6.

LMO

LMO

RMO

7.

LMO

RMO

LMO

8.

RMO

LMO

RMO

In de servicepass opstellingen zijn rode en groene vlakken getekend. Deze zijn altijd arbitrair qua grootte.

De rode vlakken zijn conflicterende voorkeursvlakken tussen passers met een Rechter Motoroog en een Linker Motoroog aan. Beide passers hebben dus een voorkeur voor het passen in dit vlak. Er dienen onderling afspraken gemaakt worden wie welke bal passt.

De groene vlakken geven de conflictzones tussen passers met hetzelfde Motoroog aan. De beide passers conflicteren niet met hun visuele voorkeuren en kunnen derhalve onderlinge afspraken maken die passen bij hun visuele voorkeur.

 

1. Linker Motoroog – Linker Motoroog– Linker Motoroog

De afstand tussen passers positie 5 – 6 – 1 is min of meer gelijkmatig verdeeld. De passer op positie 5 laat de linker zijlijn wat open. De passer positie 1 sluit de rechter zijlijn af.

Afspraak:

  • Passers passen de services zoveel mogelijk alleen aan de linkerkant van hun lichaam.

 

 

 

2. Rechter Motoroog – Linker Motoroog– Linker Motoroog

De afstand tussen passers positie 5 – 6 is iets groter. Beide passers maken hun minst favoriete passkant kleiner waardoor er aan de voorkeurskant meer ruimte ontstaat.

Afspraken:

  • Tussen positie 5 en Positie 6: beide passers maken onderling afspraken wie welke service passt.
  • Met een passer/loper op positie 5 kan de afspraak zijn dat deze speler de bal voor passt en dat positie 6 de service achterin passt.

 

 

3. Rechter Motoroog – Rechter Motoroog – Linker Motoroog

De afstand tussen passers positie 6 – 1  is iets groter. Beiden sluiten hun minst favoriete passkant af waardoor de ruimte tussen beide passers groter wordt.

Afspraken:

  • Tussen positie 6 en positie 1: beide passers maken onderling afspraken wie welke service passt.
  • Met een passer/loper op positie 5 kan de afspraak zijn dat deze speler de bal voor passt en dat positie 6 de service achterin passt.

 

 

4. Rechter Motoroog – Rechter Motoroog – Rechter Motoroog

De afstand tussen passers op positie 5 – 6 – 1 is min of meer gelijkmatig verdeeld. De passer op positie 5 sluit de linker zijlijn af. De passer positie 1 laat de rechter zijlijn wat open.

Afspraak :

  • Passers passen de services zoveel mogelijk alleen aan de rechterkant.

 

 

 

5. Linker Motoroog– Rechter Motoroog – Rechter Motoroog

De afstand tussen passers positie 5 – 6 is klein. Beiden sluiten hun minst favoriete passkant af waardoor er aan de voorkeurskant meer ruimte ontstaat.

Afspraken:

  • Tussen positie 5 en positie 6: beide passers maken onderling afspraken wie welke service passt.
  • Met een passer/loper op positie 5 kan de afspraak zijn dat deze speler de bal voor passt en dat positie 6 de service achterin passt.
  • De passer op positie 6 kan met de passer op positie 1 de afspraak maken de bal tussen beiden te pakken.

 

6. Linker Motoroog – Linker Motoroog – Rechter Motoroog

De afstand tussen passers positie 6 – 1 is klein en die tussen 6 en 5 is groter.

Afspraken:

  • Tussen passer 6 en passer 1: beide passers maken onderling afspraken wie welke service passt.
  • De passer positie 6 is verantwoordelijk voor de bal tussen positie 5 en 6. Beide groene vlakken.

 

 

 

7. Linker Motoroog – Rechter Motoroog – Linker Motoroog

 

In deze opstelling zijn er tussen de 3 passers alleen maar conflicterende voorkeursvlakken. Dat vraagt veel van de onderlinge afstemming tussen de passers.

De libero kan daarin een leidinggevende rol nemen.

 

 

 

8. Rechter Motoroog – Linker Motoroog – Rechter Motoroog

 

Deze passlijn vraagt net als de servicepass opstelling 7 veel onderlinge afstemming tussen de passers.

 

 

 

 

 

Individuele pass kwaliteiten en/of vervolgacties kunnen het binnen elke servicepass opstelling mogelijk maken om af te wijken van de onderlinge verantwoordelijkheden.

TIP: praat voordat er geserveerd wordt af Wie Welke bal Waar passt.